Gezinsbeleid in Vlaanderen
|
"Gezinsbeleid in Vlaanderen" werd uitgegeven door de studiedienst van de Gezinsbond. Sommige losse nummers zijn nog steeds verkrijgbaar tegen 6 euro per exemplaar.'Focus' is de opvolger van Gezinsbeleid in Vlaanderen.
Bekijk hieronder alvast de inhoud van verschenen themanummers in de reeks Gezinsbeleid in Vlaanderen: |
Mijn kind, duur kind?!
![]() |
In de publicatie "Mijn kind, duur kind?!" zet de Gezinsbond het kostenaspect van het hebben en grootbrengen van kinderen in de kijker. De Gezinsbond actualiseerde deze belangrijke studie in 2004. |
|
Gezinnen die kiezen voor kinderen weten ongetwijfeld dat kinderen grootbrengen een grote hap uit het gezinsbudget betekent. Wie kiest voor kinderen, verliest duidelijk een stuk welvaart, althans op financieel vlak. De overheid compenseert een stuk van de extra kosten. Wat kinderen nu werkelijk kosten, weten velen echter niet. De overheid blijkbaar ook niet. De huidige bedragen van de kinderbijslagen - de belangrijkste financiële overheidsondersteuning voor gezinnen met kinderen - dekken immers de minimumkosten van kinderen bijlange niet. Minimumkosten? Wat zijn dat? Dat en nog veel meer over kosten van kinderen leest u in "Mijn kind, duur kind?!". In deze publicatie, zet de Gezinsbond alle kosten om kinderen groot te brengen op een rijtje. Heel wat cijferwerk. Niet altijd echt heel "gemakkelijke stof", maar wel van essentieel belang en nuttig voor al wie kinderen heeft. Maar ook voor hen die er beroepsmatig mee betrokken zijn. Het eerste artikel ‘Minimumkosten van kinderen: een basisbegrip' licht de recente studie van de studiedienst van de Gezinsbond rond minimumkosten van kinderen toe. Daarin wordt de wetenschappelijke basis van de studie uit de doeken gedaan. De lezer ontdekt wat de Gezinsbond verstaat onder minimumkosten van kinderen. Ook hoeveel ze momenteel bedragen. Leerrijk en boeiend. Een nieuwe mijlpaal in de gezinspolitiek. Niet alle kosten zitten vervat in het begrip ‘minimumkosten van kinderen'. In een aantal specifieke kosten moet de overheid tussenkomen via andere kanalen dan de kinderbijslagen. Welke specifieke kosten? Dat ontdekt de lezer stapsgewijze in de volgende drie bijdragen. Het artikel ‘Ouderbijdrage in de kinderopvang berekenen' legt uit hoe de overheid tussenkomt in de factuur voor de kinderopvang. Ouders kunnen er ook voor kiezen om hun kleine kinderen zelf op te vangen. Daardoor kunnen zij echter minder gaan werken. Die keuze heeft vanzelfsprekend een prijskaartje. Dat wordt de lezer voorgerekend in het artikel ‘Wat kost minder werken?'. Kosteloos onderwijs?' stelt de lezer vast dat naar school gaan best nog duur is. De bijdrage geeft een duidelijk overzicht van de studiekosten tijdens een volledige onderwijscyclus: van kleuterklasje tot universiteit. Ten slotte zijn er nog de kosten van onderwijs. Is onderwijs niet gratis? Bepaalt de Belgische Grondwet dat niet? In ‘ Alle puzzelstukjes worden bij elkaar gelegd in de bijdrage ‘Kost elk kind een huis?'. De studiedienst telt alle - met inbegrip van de specifieke - kosten voor kinderen mooi bij elkaar en gaat na of deze aloude volkswijsheid effectief klopt. Realistisch of schromelijk overdreven? U leest het in dat artikel. Naast het ruime cijfermateriaal over kosten van kinderen bevat het tijdschrift ook enkele praktische toepassingen. Een eerste belangrijke toepassing van het studiewerk over kosten van kinderen belicht de Gezinsbond in de bijdrage ‘Onderhoudsgelden voor kinderen berekenen'. Binnen de juridische wereld, maar ook bij ouders is er behoefte aan een objectief criterium om de kosten van kinderen te ramen. Om onderhoudsgeld voor kinderen te berekenen bij stukgelopen relaties. Zodat beide partijen een aanvaardbaar en haalbaar niveau van onderhoudsgeld kunnen overeenkomen. Het artikel bevat een schema dat ouders - maar ook professionelen - toelaat om zelf op een eenvoudige en objectieve wijze onderhoudsgeld voor kinderen te berekenen. Eenvoudig, maar toch wetenschappelijk onderbouwd. Een tweede praktische toepassing van de studie vindt de lezer in het artikel ‘Thuiswonende en werkende jongeren: hoeveel kostgeld?'. Volgens een Europese studie blijven jongeren momenteel almaar langer thuis wonen. Ook nadat ze afstuderen en al gaan werken. Steeds vaker vragen ouders zich af hoeveel kostgeld zij aan hun inwonende kinderen kunnen vragen. Het artikel geeft een richtlijn, al staat het gezinnen natuurlijk vrij hun eigen keuze te maken: al dan niet kostgeld vragen en zo ja: hoeveel? Rond zakgeld hebben ouders veel concrete vragen. Vooral rond de hoogte van het zakgeld. Op basis van de resultaten van twee recente studies tracht het artikel ‘Kinderen en zakgeld' een tipje van de sluier op te lichten. Zo kunnen ouders zich een idee vormen hoe hoog het zakgeld gemiddeld ligt, naargelang de leeftijd van hun tieners. De publicatie van de Gezinsbond heeft tevens als doelstelling het beleid bij te sturen. Vandaar het slotartikel ‘Gezinnen beter ondersteunen' waarin de gezinsbeweging een greep toont uit zijn uitgebreid eisenpakket voor een gezinsvriendelijk beleid. Voor ieder van de deelaspecten van kosten van kinderen belicht het artikel de voornaamste eisen en voorstellen zodat het gezinsbeleid gezinnen die kiezen voor kinderen optimaal kan ondersteunen. Zij mogen immers niet langer gestraft worden, maar moeten beloond worden voor deze keuze.
'Mijn kind, duur kind?!' is uitverkocht
Download hier de volledige brochure de recentste tabel met de gemiddelde maandelijkse minimumkost van kinderen en/of de tabel met de gemiddelde maandelijkse minimumkost volgens leeftijd en/of de tabel met het overzicht van de studiekosten Welke methode gebruikt de Gezinsbond om minimumkosten van kinderen te berekenen?
Voor meer informatie kunt u terecht bij: Yves Coemans, tel. 02-507 88 75 (niet op woensdag), Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
|
