Het gaat de goede kant op met de verkeersveiligheid, maar elk ongeval blijft er één te veel. Kinderen in het bijzonder zijn nog steeds erg kwetsbaar in heel wat verkeerssituaties. Elke dag vinden er nog ongevallen plaats waar kinderen bij betrokken zijn. Vaak omdat de infrastructuur niet aangepast is, omdat ze nog leerfouten maken, of omdat ze minder zichtbaar zijn dan andere weggebruikers. Met onze kindnorm voor verkeer, vragen we dat de infrastructuur overal wordt afgestemd op kindermaat, waardoor het niet enkel voor kinderen, maar voor iedereen veiliger wordt. Dat kan helaas niet van vandaag op morgen overal gerealiseerd worden. Om zich ook nu al veilig(er) in het verkeer te kunnen begeven, is het belangrijk dat kinderen de volgende dingen weten.
1. Ze zijn (bijna) onzichtbaar
Kleine weggebruikers zijn moeilijk te zien voor automobilisten: ze komen niet boven geparkeerde auto’s uit, verdwijnen in de dode hoek of verschijnen enkel aan de rand van het blikveld. En dat is dan nog maar enkel overdag. ’s Avonds zijn ze door de duisternis nog moeilijker te zien.
Leer je kinderen hiermee rekening te houden. Leg uit dat ze nooit naast een vrachtwagen of bus mogen blijven staan, omdat de bestuurder hen mogelijk niet kan zien. Laat hen ook enkel oversteken op plaatsen waar ze het verkeer goed kunnen zien en zelf goed zichtbaar zijn. Dus niet aan een bocht, van tussen geparkeerde auto’s, enzovoort.
2. Zichtbaar zijn is belangrijk
Met fluokledij is een fietser tot op 150 meter afstand zichtbaar. Dan kan een automobilist nog bijsturen en afremmen. Met donkere kledij ben je pas op 20 meter zichtbaar: dan is het soms te laat. Kies dus geen te donkere winterjas en hang boekentas en fiets vol reflectoren!
Dit filmpje van de Vlaamse Stichting Verkeerskunde maakt het verschil in zichtbaarheid door kledij duidelijk:
3. Een werkend licht is een must
Een werkend, helder, groot en liefst niet-knipperend licht op je fiets is geen luxe. Het is wettelijk verplicht én zorgt voor je veiligheid: goede verlichting vermindert de kans op een ongeval met de fiets met 17 procent.
Wat is verplicht qua verlichting voor fietsers, kinderfietsen, bakfietsen en vouwfietsen? Veilig Verkeer zet het op een rijtje.
4. Ze moeten oefenen
Je kind zaagt misschien wel om alleen te mogen fietsen, maar dat is enkel een goed idee na voldoende ervaring en oefening. Leeftijd alleen is niet voldoende: je kind moet voldoende fietsvaardig zijn, kortstondig met één hand kunnen fietsen om richting aan te geven, overzicht hebben over het verkeer en snel genoeg kunnen reageren.
Zo jong mogelijk en zo veel mogelijk oefenen met je kind is de boodschap. Dat kan al vanaf de kleuterleeftijd. Met een loopfiets maken de kinderen meestal snel de overstap naar een fiets met trappers, zonder steunwieltjes. Ook praten met je kind over het verkeer, over wat je ziet, wat oké is en wat niet.
5. Respect voor de verkeersregels
Leer je kind de regels voor veilig oversteken, fietsen en voorrang in het verkeer. Geef hierbij zelf het goede voorbeeld en vermijd oversteken als het rood is omdat er toch niemand aankomt, een zebrapad negeren omdat het wat verder ligt of zelf geen fluokledij dragen.
Grijp ook elke kans aan om de verkeersregels in te oefenen, van kijken naar links-rechts-links, tot commentaar geven op de fouten die anderen maken. En maak je zelf eens een fout: geef het toe, bespreek het met je kinderen zonder het goed te praten.
6. Auto’s zijn snel, zwaar, sterk en gevaarlijk
Het kan geen kwaad te benadrukken dat auto’s grote, zware, sterke machines zijn. Veel groter, sneller en zwaarder dan een kind. Benadrukken dat ze moeten uitkijken dus, en beslissingen nemen die hen veilig houden – ook al is dat lastiger, kost dat meer tijd of is het een omweg.
Vrachtwagens en bussen vragen nog meer aandacht én meer voorzichtigheid.
7. Haast en spoed is zelden goed
Haast en spoed zetten aan tot roekeloosheid, risico’s nemen, minder goed opletten… alles om tijd te winnen. Dat vergroot de kans op fouten en ongevallen. Op tijd vertrekken is de boodschap, en indien te laat vertrokken: liever een nota in de klasagenda, dan een ziekenhuisbezoek.
Kindnorm en kindlinten
Samen met een brede Coalitie Kindnorm plaatst de Gezinsbond kinderen en jongeren centraal in het mobiliteitsbeleid om veilige, kindvriendelijke en toegankelijke openbare ruimte te creëren. Een overzichtelijke inrichting van de weg draagt bij aan veilige herkenbare kindlinten. Denk daarbij aan conflictvrije oversteken voor zachte weggebruikers, afgescheiden fietspaden en helder verlichte oversteekplaatsen. Zo ontstaan herkenbare routes die kinderen veilig verbinden met school, speelplekken, en andere belangrijke bestemmingen.