Het Kasteel van Gaasbeek bezoeken met twee energieke jongens, lukt dat wel? Dat vroegen we ons op voorhand ook af – rustig een museum bezoeken is niet echt aan onze jongens besteed. Maar: ja dus! Ze vonden het leuk. Van de Muis Arnoldus-zoektocht binnen in het kasteel tot het uitgestrekte groen buiten in de omringende tuinen.
We parkeren op een grote parking naast het onthaal. Handig! Naast je tickets, kan je in het inkomgebouw ook leuke ‘ridders en kasteel’-spullen kopen. Vooral voor de kindjes: van luisterverhalen en verkleeditems tot schrijfveren.
Die laatste willen onze jongens heel héél HEEL graag! ‘Dan ga ik beter mijn huiswerk maken’, zegt onze zesjarige. Een overtuigend argument wel, want dat is vaak trekken en sleuren. Al besluiten we hun impulscontrole te trainen: ‘Als jullie dit na ons bezoek nog willen, mag het.’
Een vijver vol prinselijke kikkers
Lange lanen met een erehaag van hoge bomen. Het domein ademt ruimte en nodigt uit om verder ontdekt te worden. We stappen richting kasteel. Tot de jongens een ellenlange trap naar beneden spotten. In de verte lonken grote vijvers. ‘Mogen we daarnaartoe?’
Nog voor we ‘ja’ kunnen zeggen, stormen ze naar beneden. Steken ze een groen grasveld over. En gaan ze op zoek naar de bolle kaken waar de vele kikkergeluiden uit klinken. Lang hoeven ze niet te kijken. Het ontploft er van de kikkers – dat vinden onze kinderen fantastisch.
Ze spotten ook ganzen en meerkoeten, mét kuikens. En een paar schildpadden, verstopt tussen de algen. Het bezoek voelt nu al geslaagd, en de échte zoektocht – van Muis Arnoldus in het museum – moet nog beginnen. Eerst laten we hen hier nog wat springen en ravotten tussen de vijvers en het groen. Dan nemen we ‘een geheime weg’ door het bos naar het kasteel. Spannend!
Zit hier een muis?
In de inkom van het kasteel wacht ons een vriendelijke jongen op. Hij vertelt over de zoektocht van Muis Arnoldus: ‘Er zitten in verschillende kamers van het kasteel muizen verstopt. Die moet je zoeken. En het tekstje lezen dat erbij hoort. Je krijgt elke keer een opdrachtje. En leert iets over de kamer waarin de muis verstopt zit.’
De jongens krijgen elk een papieren wapenschild met leuke opdrachtjes en invulveldjes. Er hoort ook een stickervel bij met tien wapenschilden. Bij elke muis die ze vinden, mogen ze een wapenschildje plakken. Dat werkt wonderbaarlijk goed!
Zalen die ze anders snel zouden bestempelen als ‘saaaai’ worden plots interessant. Zij zoeken de gehaakte muis. Wij lezen de opdracht en de weetjes over de kamer waarin we staan. Zij doen het zoek-, teken- of schrijfspelletje. En tegelijk leren ze iets bij, want door de uitleg en opdrachtjes wordt er aandachtiger rondgekeken: hoe mensen vroeger kookten, hoe hun bed eruit zag, hoe tapijten geweven werden…
Rondstruinen in de museumtuin
Na onze tijd tussen meer dan vier muren, lopen we langs een prachtig pad het kasteel buiten. Ik hou van het postkaartplaatje: kasseien en kasteeltorens omringd door heuvels en groene toppen. Vanuit de museumtuin krijg je nog een beter zicht, omdat je hoger staat.
In de museumtuin zelf is ook veel te ontdekken. Je zou hem ook een gigantische moestuin kunnen noemen, want de tuin staat boordevol fruit, groenten en kruiden. Tijdens ons bezoek, pronken er ook kunstwerken in de kleine rechthoekige straatjes.
‘Welke bloem vind jij het mooist? Welke vrucht zou jij het liefst plukken en opeten? Welk kunstwerk zou jij op je kamer zetten?’ Terwijl we struinen tussen de fauna en flora, stellen we elkaar vragen. De antwoorden zorgen voor leuke herinneringen om te bewaren in ons eigen ‘ouderschapsmuseum’.
We eindigen met een pluim
Na het bezoek aan het kasteel en de tuin, moet er nog een laatste keer gezwaaid worden naar de kikkers en de kuikens. We keren langzaam terug langs de drie vijvers, de vele bomen en de (ook letterlijk) adembenemende trappen – er is ook een of rolstoel- of buggyproof pad als alternatief.
‘Wij willen nog altijd die schrijfpluim’, klinkt het in koor – zelden kwamen ze zo goed overeen. ‘Zeker?’, vragen wij, ‘want het is niet zo simpel om te schrijven met echte inkt’ – ‘uit een inktpot die kan omvallen en overal vlekken maakt’, denken we erbij. Ze zijn zeker. En kiezen allebei een zwarte veer met vijf kalligrafiepennetjes erbij en een zwarte inktpot. Trots!
Ik kan intussen, na een paar dagen met de pluimen in huis, wel zeggen: onze zesjarige deed nog nooit zo enthousiast zijn schrijfhuiswerk uit het eerste leerjaar – die zwarte vingers én vingerafdrukken nemen we er dan maar bij.
Zelf ook eens een bezoekje brengen? Leden van de Gezinsbond doen dit met korting.