Zonnepanelen zijn nog steeds een interessante investering. Een goede installatie bespaart op je energiekosten. En door slim te gebruiken kan je ook je capaciteitstarief beperken. Maar hoe vraag je nu de ideale offerte aan? En waar vind je een betrouwbare installateur?
Kijk of je dak geschikt is
Een plat dak zonder veel schaduw is altijd geschikt, op voorwaarde dat het voldoende draagkracht heeft. Een hellend dak is ideaal als de helling naar het oosten, het westen, of elke andere richting via het zuiden gericht is. Een hellend dak richting het noorden is niet geschikt.
Je dak of onderdak mag geen asbest bevatten. Heb je wel asbest, laat dit dan eerst weghalen door een betrouwbare aannemer.
Heb je geen geschikt dak, maar wel een balkon of dakterras? Dan kan je kiezen voor een kleine plug-in installatie. Die bestaan uit een tweetal zonnepanelen en een speciale, toegelaten omvormer. Je zet of hangt de zonnepanelen in de zon — maak ze goed vast zodat ze niet wegwaaien — en verbindt de kabels met de omvormer, die gewoon in het stopcontact gaat. Een betrouwbaar systeem met twee zonnepanelen kost 400 tot 500 euro, en is dus op drie tot vijf jaar terugverdiend. Een goed systeem moet minstens 20 jaar meegaan.
Woon je in een appartement? Let dan op het reglement van mede-eigendom en de gemeentelijke bouwvoorschriften voor je panelen op je balkon zet of aan de balustrade hangt. Dat is niet overal toegelaten.
Bereken hoe groot je installatie moet zijn
Een goede installateur kan je adviseren, maar zelf een inschatting maken is altijd slim. Op je laatste eindafrekening voor elektriciteit vind je het jaarverbruik. Ben je van plan in de toekomst een warmtepomp te plaatsen? Voeg dan 3000 kWh toe. Wil je een elektrische wagen thuis opladen heb je ongeveer 2000 kWh extra nodig.
Zonnepanelen rekenen in “Wattpiek”, het vermogen dat ze kunnen leveren onder ideale omstandigheden. Doe je verbruik maal 1,2 en je weet ongeveer hoeveel Wattpiek je nodig hebt. Voor een gezin met een gemiddeld verbruik van 3500 kWh, is dat dus 4200 Wattpiek. Eén modern zonnepaneel levert ongeveer 430 tot 500 wattpiek, afhankelijk van het type. Het voorbeeldgezin heeft dus 8 tot 10 zonnepanelen nodig.
Kies een betrouwbare installateur, en liever twee of drie
Kijk rond in je buurt: wie heeft zonnepanelen, waar ziet de installatie er netjes uit? Informeer bij de eigenaars wie de installatie geplaatst heeft. Vraag ook eens rond bij je familie en vrienden. De overheid heeft een lijst van erkende installateurs.
Als lid van de Gezinsbond krijg je korting bij Eneco en Solar Protect
Vraag offertes aan
Met de gewenste opbrengst en de gegevens van je dak vraag je offertes aan bij enkele installateurs van zonnepanelen. Je kan ook intekenen op een groepsaankoop. De installateur zal het nodige vermogen berekenen en een voorstel doen.
Een correcte offerte vermeldt minstens:
- Merk, model en type van de aangeboden panelen en omvormer
- Het gebruikte bevestigingsmateriaal
- Productgaranties, en de garantie op het systeem
- Het geïnstalleerd vermogen
- Een berekening van de jaarlijkse opbrengst, met opbrengstgarantie
- Een legplan, de plaats van de omvormer en de kabels
- Wat wel en niet inbegrepen is in de prijs (bijvoorbeeld de keuring, of het huren van een hoogtewerker)
- De totaalprijs, exclusief en inclusief btw (21%, of 6% voor woningen ouder dan 10 jaar)
Vergelijk de offertes
Niet elke offerte is exact hetzelfde. Elke installateur werkt met bepaalde merken van panelen. Die verschillen in grootte en vermogen. Bij de ene offerte kan je dus meer vermogen krijgen dan bij de andere. Om de prijs eerlijk te vergelijken deel je de totaalprijs (liefst zonder btw) door het totaal vermogen van de installatie in wattpiek (één kilowattpiek is 1000 wattpiek).
Het vermogen van zonnepanelen wordt uitgedrukt in wattpiek (Wp): de hoeveelheid energie die ze opwekken onder specifieke testomstandigheden. Staat het totaal vermogen niet op de offerte? Vermenigvuldig dan het vermogen van één paneel met het aantal dat de installateur zal plaatsen om het installatievermogen te berekenen.
Als je de totaalprijs deelt door het totaalvermogen krijg je een prijs per wattpiek. Die kan je perfect vergelijken tussen de verschillende offertes. In 2026 betaal je tussen 0,9 en 1,5 euro per wattpiek, afhankelijk van de grootte van je installatie. Een grote installatie (10 panelen of meer) is per wattpiek goedkoper dan een kleine. De bereikbaarheid van je dak, de kwaliteit en design van de gekozen panelen en omvormer spelen uiteraard ook een rol.
Is een duurdere offerte beter?
Niet altijd. Zonnepanelen zijn een volwassen product: er zijn geen echt slechte modellen meer op de Belgische markt. Heb je een standaarddak zonder grote uitdagingen, dan kan een goedkope offerte voor jou de perfecte oplossing bieden. Maar soms is een hogere kost de meerprijs waard:
- Optimizers of micro-omvormers: Heb je een deel van de dag schaduw op je dak, door bijvoorbeeld bomen, een schouw of dakkapellen? Deze duurdere oplossing zorgt ervoor dat panelen die in de schaduw liggen toch nog optimaal presteren.
- Hybride omvormer: misschien wil je op termijn een thuisbatterij. Een hybride omvormer maakt de gelijkstroom van de zonnepanelen direct klaar voor een gelijkstroom batterij. Pas als je de stroom nodig hebt in huis zal de omvormer wisselspanning maken. Dat is beter voor het rendement. Een hybride omvormer is ook beter te sturen door een energiemanagementsysteem.
- Glas-glaspanelen: Standaard panelen hebben een folie om de achterkant lucht- en waterdicht af te dekken. Glas-glaspanelen hebben ook aan de achterkant een glasplaat. Dit is steviger, maar biedt ook voordelen als je dicht bij de kust woont.
- Dubbelzijdige panelen (bifacial) kunnen zonlicht opvangen aan beide kanten. Wil je een enkele rij panelen op een wit plat dak, dan is de opbrengst met deze panelen hoger. Je kan deze panelen ook gebruiken voor een schutting die energie opwekt.
- Hoogrendementspanelen: Enkel de meerprijs waard als je dakoppervlak beperkt is. Is je dak groot genoeg, dan kies je beter voor goedkopere gewone panelen.
- Een installatie met hoogtewerker. De eerste zonnepanelen waren klein en licht. Moderne zonnepanelen zijn bijna twee vierkante meter groot en wegen 20 kg. Zodra ze op je dak liggen, zitten ze muurvast. Maar tijdens de installatie krijgen ze wel wat te verwerken. Met een hoogtewerker zijn de krachten op de panelen beperkt, en is de kans op beschadiging klein. Werkt je installateur met ladders, dan is dat gevaarlijker voor de medewerkers, maar ook de kans op haarscheurtjes in je zonnecellen wordt groter.